Correctie op relativiteitsvereiste in het bestuursrecht

Geplaatst: 17-03-2016

Een concurrent kan met een beroep op het gelijkheidsbeginsel of het vertrouwensbeginsel bereiken dat de bestuursrechter alsnog een besluit toetst aan een norm die niet zijn belangen beoogt te beschermen. Dit blijkt uit een uitspraak van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State van 16 maart 2016 (zaaknummer 201402641/1/R1). Zij volgt hiermee het advies van staatsraad advocaat-generaal mr. Widdershoven om de toepassing van het relativiteitsvereiste in het bestuursrecht te corrigeren.




Casus
De Afdeling had in een zaak over het bestemmingsplan “Blaloweg en Katwolderweg (voormalig Shell-terrein en omgeving)” van de gemeente Zwolle een conclusie gevraagd aan de staatsraad advocaat-generaal. Het bestemmingsplan maakte de komst van een Hornbach-bouwmarkt mogelijk. Onder meer Praxis was hiertegen in beroep gekomen. Volgens Praxis voldeed het bestemmingsplan niet aan de veiligheids- en milieunormen. De vraag was of Praxis een beroep kon doen op deze normen of dat het relativiteitsvereiste zich daartegen verzette.

Uitspraak
De Afdeling is in navolging van de staatsraad advocaat-generaal van oordeel dat de toepassing van het relativiteitsvereiste gecorrigeerd moet worden bij een geslaagd beroep op het vertrouwensbeginsel en het gelijkheidsbeginsel. In zo'n geval kan een concurrent dus bereiken dat de rechter toch beoordeelt of een norm is geschonden, terwijl die norm niet geschreven is om zijn belangen te beschermen. Deze correctie op het relativiteitsvereiste in het bestuursrecht is geïnspireerd op de zogenoemde correctie Langemeijer die in het civiele recht al langer bestaat. In deze zaak had Praxis niet aannemelijk gemaakt dat bij haar concrete verwachtingen waren gewekt dat zij zou worden beschermd door de normen waarop zij een beroep deed. Ook had zij niet gesteld dat zij in vergelijkbare gevallen aan normen moest voldoen die vergelijkbaar waren aan de normen waarop zij in deze procedure een beroep deed. Praxis kon derhalve geen geslaagd beroep doen op het vertrouwensbeginsel en het gelijkheidsbeginsel.

Vragen?
Mocht u naar aanleiding van bovenstaande uitspraak vragen hebben, neem dan vrijblijvend contact met ons op. Dit kan per e-mail (y.vanriet@remie.nl) of per telefoon (0413-241060). U kunt dan vragen naar mevrouw mr. Y.M.G.M. (Yvana) van Riet.

Terug naar overzicht